In onze rubriek CLOSE UP stellen spelers, trainers, bestuurders en vrijwilligers van KDO zichzelf voor. Dit keer is het de beurt aan survivalrunner Liesbeth van Tol (47) uit De Kwakel. Liesbeth van Tol is een allround sportvrouw. Als kind doet ze aan judo, later gaat ze sportklimmen en in de wintermaanden mag ze graag de schaatsen onderbinden. Zeven jaar geleden ontdekte ze survivalrunning, de uitdagende combinatie van hardlopen met obstakels. ‘Ik ga een extreme sportieve uitdaging niet uit de weg, maar veiligheid staat voor mij altijd voorop.’
Wie is Liesbeth van Tol?
‘Moeder van Daan, vrouw van Martijn. Ik werk als verpleegkundige in het VU Medisch Centrum op de afdeling Recovery, waar patiënten na een operatie verblijven om bij te komen van de anesthesie. Ik monitor vitale functies zoals hartritme, bloeddruk en ademhaling. Als persoon ben ik sociaal, een beetje introvert, zorgzaam en nuchter. En dol op sport, natuurlijk.’
Mooiste sportmoment
‘Afgelopen winter heb ik met mijn man Martijn meegedaan aan de Alternatieve Elfstedentocht op de Weissensee, in Oostenrijk. Er was veel sneeuw gevallen, de organisatie had een ronde van ruim vier kilometer sneeuwvrij gemaakt. Die moesten we 46 keer afleggen om de totale afstand van 200 kilometer te rijden. Ik vorderde iets sneller dan Martijn en was al enige tijd gefinisht toen hij met ijspegels in zijn baard en wenkbrauwen over de finish kwam. Samen hebben we toen onze felbegeerde Elfstedenkruisjes opgehaald.’
Leermeester
‘Dat was mijn eerste judotrainer, meneer Blauw van judoclub Uithoorn. Als meisje van vijf huppelde ik onbevangen de tatami op. Meneer Blauw bracht me geduld en discipline bij. Hij was een echte Jordanees: het hart op de tong en betrokken. Meneer Blauw gaf me op m’n donder als ik de kantjes eraf liep en deelde complimentjes uit als ik die had verdiend. Later, toen ik werkte als verpleegster, werd er op een dag een oude, zieke man mijn afdeling opgereden. Dat was meneer Blauw. De rollen bleken omgedraaid. Ik moest nu voor mijn ‘judovader’ zorgen. Later is hij overleden.’
KDO
‘Een veilig nest en een heel fijne vereniging. Het bestuur staat open voor mensen en wensen. Survivalrunning is een relatieve nieuwkomer binnen de club, maar we kregen alle medewerking bij onze groeiplannen. Ik mocht een trainerscursus volgen die volledig werd vergoed, en we mochten meeliften op de administratieve infrastructuur. Dat gaf ons ruimte om ons te concentreren op veilige sportbeoefening en ledenwerving. De grootste groei komt momenteel vanuit de jeugd. Dat is een goed teken.’
Toekomstvisie
‘Op 14 juni organiseren we voor de eerste keer een groot opgezette survivalrun. Het parkoers zal de deelnemers over het hele sportpark van KDO voeren. Zo willen we meer bekendheid geven aan onze activiteiten binnen KDO, en jong en oud enthousiast maken voor onze sport. Om het evenement breed toegankelijk te maken, staat er ook een light-variant op het programma. Dat betekent dat echt iedereen kan meedoen.’
Eens maar nooit weer
‘In Frankrijk volgde ik een cursus rotsklimmen. Je draagt daarvoor een klimgordel en bent via een touw verbonden met een zekeraar. Dat is iemand die op de grond blijft staan en je moet behoeden voor een val. Het lot wilde dat ik werd gekoppeld aan een jongen die ik totaal niet vertrouwde. Met mijn medische kennis van nu zou ik hem het etiket ‘manisch’ opplakken; overdreven opgewekt, impulsief en ongeconcentreerd. De rotswand helde achterover, ik kon mijn zekeraar niet zien staan - terwijl mijn lot wel in zijn handen lag. Om een val te voorkomen ben ik op de toppen van mijn kunnen naar boven geklommen. Ik heb peentjes gezweet en was na afloop uitgeput. Echt survival.’
Favoriete training
‘Intervallen doen. Hardlopen afwisselen met obstakels. Een combinatie van kracht en duurvermogen, waarbij je presteert in hartslagzone vier. Je knokt tegen zuurstofschuld, al je zintuigen staan aan en je voelt dat je leeft. Je krijgt er een enorme kick van en het is ontzettend goed voor je conditie. En dat maakt dat ik in de winter beschik over voldoende inhoud voor een goede schaatstocht. De variatie houdt me fit en heel.’
Anecdote
‘Voor een klimvakantie in de rotsen hadden mijn broer Gerard en ik met een groep vrienden afgesproken in Bomal, een plaatsje in de Ardennen. Mijn ouders waren zo lief om ons met de auto te brengen. Eenmaal in België zagen we alleen maar groene weilanden, zo ver het oog reikte. Omdat we voelden dat er iets niet klopte, besloten we een wegenkaart van België te raadplegen. De index leerde ons dat er in België twee plaatsen zijn die Bomal heten, en wij waren uitgerekend gearriveerd bij het verkeerde. Mijn ouders maakten rechtsomkeert, reden honderd kilometer om en leverden ons keurig af bij onze klimvrienden in het goede Bomal.’
Bijgeloof
‘Aan mijn backpack hangt een Christoffel, een beeldje van de beschermheilige van reizigers. Dat heb ik ooit van mijn moeder gekregen. Die is zelf ook avontuurlijk aangelegd, en ze heeft nooit geprobeerd mij een avontuur uit m’n hoofd te praten. Al is het maar goed dat ze niet weet wat ik allemaal heb uitgespookt tijdens mijn avonturen.’
Lijf en leden
‘Mijn kracht schuilt in mijn armen, bovenlijf en handen. Zware blessures heb ik nooit gehad, al schuilt een ongeluk in een klein hoekje. Een jaar geleden kwam Defensie naar KDO, om scholieren te interesseren voor een loopbaan als beroepsmilitair. De afdeling Survivalrun verzorgde de demonstraties op de stormbaan. Ik deed een zogenaamde swing over voor en landde precies in een kuil. Mijn enkel sloeg om, ik voelde meteen dat het mis was. Ik wilde dat niet laten merken aan die pubers en hield me groot, maar ik heb een week niet kunnen survivallen. Dat duurde voor mij een eeuwigheid.’
Gouden tip
‘Vanwege mijn werk word ik regelmatig geconfronteerd met ziekte en dood. Mijn gouden tip is om alles uit het leven te halen wat erin zit. En te koesteren wat je wél hebt, variërend van gezondheid tot familie en vrienden.’
CLOSE UP is een 2-wekelijkse rubriek die wordt geschreven door onze sporthalbeheerder Peter Klooster.
